Aikido kent vele termen.
Bij deze een lijstje met een aantal
termen en waar ze voor staan.

ikkyu undo = het naar voor en achter bewegen met gestrekte arm.
ik = 1e, kyu = vorm, undo = oefening.

nikkyu undo = massage oefening voor de pols, hefboom op de pols door
binnenwaartse draai. ni = 2e. elleboog en pols 90 graden.

sankyu undo = hand binnenwaarts draaien, hand en onderarm zijn een
rechte lijn, frictie in de richting van de elleboog. san = 3e.

shiho nage undo = alleen: voortzetting van ikkyu undo, echter nu met
draaing van de heup, waarbij de armen gestrekt worden
boven het hoofd. shi = 4, shiho = 4 richtingen worp.

kote gaeshi undo = pols (hand) buitenwaarts draaien, duim op de pinkmuis
en pink om de pols. kote = pols, gaeshi = draaien.

ZAZEN/SEISA = meditatiehouding, op de knieŽn waarbij de grote tenen
elkaar kruisen. Beginhouding bij de training.

kamae = basishouding, voeten onder een hoek van 90 graden.

hidari kamae = links voor

migi kamae = rechts voor

irimi (omote) = vanuit basisstand, ingaande beweging voorwaarts
zowel met voorste dan wel achterste voet.

tenkan (ura) = vanuit basisstand, 180 graden achterwaarts draaiende
beweging. achterste been draait en begint.

tai sabaki = vanuit basisstand, achterste been naar voren, heup draaien
en voorste been naar achter. Ook wel irimi-tenkan genoemd.

omote = naar voren gaande of rechtstreekse beweging (voorlangs).

ura = achterwaartse draaiende beweging (rugzijde partner)

UKEMI WAZA = valbreken. ukemi = vallen, waza = vorm.

mae ukemi = voorwaarts rollen

yoko ukemi = zijwaarts rollen

ushiro ukemi = achterwaarts rollen

NAGE WAZA = worpen. nage = werpen, waza = vorm.

shiho nage = 4 richtingen worp.

irimi nage = worp waarbij het hoofd tegen de schouder gehouden
wordt en de arm gestrekt (bijna) een cirkelvormige beweging maakt.

kote gaeshi = worp vanuit het buitenwaarts draaien van de hand.

tenchi nage = hemel-aarde worp richtingshouding van de handpalm.
ingaande beweging met gestrekte arm. ten = hemel, chi = aarde.

kaiten nage = rolworp, arm in frictie schuin over de rug.

uchi kaiten = onder de arm van de partner door draaien.

soto kaiten = de arm van de partner voor je langs draaien.

koshi nage = werptechniek over de heup.

kokyu nage = werptechniek vanuit de ademhalingskracht.

suwari waza = het uitvoeren van de technieken op de knieŽn.

shiko = lopen (voortbewegen) op de knieŽn.

hanmi hantachi = verdediger op de knieŽn, partner staand aanvallen.

KATAMA WAZA = houdgrepen.

ikkyu = een hand bij de pols, andere bij de elleboog.

nikkyu = polsklem, hand binnenwaarts tegen de schouder geklemd.

sankyu = hand en onderarm in een lijn, hand binnenwaarts draaien
in de richting van de elleboog.

yonkyu = zenuwklem op de rand van het onderarmbeen (bot).

gokyu = zelfde als ikkyu, maar nu de pols andersom vastpakken.